Veelgestelde vragen
Vind hier je antwoord op veelgestelde vragen over de Levensloopaanpak. Staat je vraag er niet tussen? Mail naar het landelijk coördinatiepunt: info@levensloopaanpak.nl
Is er per 2026 nog een onderscheid tussen coördinerend en uitvoerend levensloopaanbieder?
Nee, dit onderscheid is komen te vervallen. Vanaf 2026 spreken we over ‘levensloopaanbieders’.
Telt een inclusie in de Levensloopaanpak ook als officiële verwijzing, waardoor de zorgaanbieder een dossier kan aanmaken?
Nee, de inclusie en het bespreken in het Zorg- en Veiligheidshuis, geldt niet als een verwijzing. Er is nog steeds een brief nodig van een (huis)arts.
Is er een standaardbrief voor het informeren van de persoon over inclusie? En wie ondertekent deze brief?
Nee, deze brief is er niet. Elke regio bepaalt zelf hoe, en door wie de persoon wordt ingelicht over de inclusie. Dat kan met een brief of op een andere manier.
Dit staat los van de notificatiebrief die het Zorg- en Veiligheidshuis stuurt (indien mogelijk).
Iemand die in de aanpak is opgenomen verdwijnt regelmatig uit beeld. Wat te doen?
Dit is de realiteit waar we vaker mee te maken hebben bij deze doelgroep. Licht de politie in als dit gebeurt. Mogelijk kan er een aandachtsvestiging op persoon (AOP), of een signalering in het politiesysteem worden gezet. Stem met de politie af dat het levensloopteam wordt geïnformeerd als de persoon (ergens in het land) opduikt.
Bovenstaande staat los van de stappen die de reclassering moet ondernemen als iemand uit beeld verdwijnt. En ook de ggz heeft een eigen werkwijze als personen die verplichte zorg ontvangen uit beeld verdwijnen.
Als een cliënt uit beeld verdwijnt sluit je de casus niet af, de persoon blijft geïncludeerd in de Levensloopaanpak. Het is belangrijk om door te gaan met bespreken, scenario’s maken en het plan te volgen.
Er zouden 1500 mensen in Nederland zijn met verward gedrag die een risico voor de veiligheid vormen. Hoe is dit aantal bepaald?
In 2018 heeft het ministerie van Justitie en Veiligheid aan onderzoeksbureau Andersson Elffers Felix (AEF) gevraagd om een quickscan uit te voeren naar de aard en omvang van de groep personen met ernstig verward gedrag en een hoog veiligheidsrisico. Meerdere Zorg- en Veiligheidshuizen hebben meegewerkt aan dit onderzoek. Hieruit is een aantal van 850 – 1450 unieke personen gekomen.
De curator of mentor weigert mee te werken aan de Levensloopaanpak en maakt bezwaar. Wat nu?
Als een mentor of curator betrokken is, dan informeer je die op dezelfde manier als de geïncludeerde persoon. Zij hebben ook dezelfde rechten qua inzage en bezwaar maken.
Met het levensloopteam is een levensloopplan opgesteld en dit wordt gedeeld (bijvoorbeeld zelf op te halen vanuit PGAx of Kedo). De levensloopaanbieder slaat het plan op in het EPD. Mogen meer partijen het levensloopplan in het eigen systeem opslaan?
Nee, dat is niet de bedoeling. Het uitgangspunt is dat uitsluitend deelnemers die bij een casus betrokken zijn inzage hebben in het plan. Het is niet wenselijk dat het plan in allerlei registratiesystemen terecht komt. Relevante informatie uit het levensloopplan kan wel opgeslagen worden in systemen van derden. Bijvoorbeeld hoe te handelen bij crisis of wie te bellen in het geval van spoed.
Wij kunnen een Wlz-prestatie alleen via het berichtenverkeer factureren als wij een indicatie hebben. Of is het de bedoeling dat deze facturatie schriftelijk gebeurt?
Het is de bedoeling dat je de Wlz-prestatie met een toewijzingsvrije prestatie factureert, zodat deze facturatiestroom met het berichtenverkeer mee kan. Het is raadzaam om contact te zoeken met de softwareleverancier om afspraken te maken over het inregelen hiervan.
Bij een Wlz-zorgtoewijzing van het zorgkantoor: welke gegevens uit die zorgtoewijzing kan de zorgaanbieder gebruiken om te bepalen of de prestatie H540 geleverd mag worden?
De zorgaanbieder die de levensloopcoördinatie uitvoert hoeft niet persé de zorgaanbieder te zijn die de Wlz-zorgtoewijzing krijgt van het zorgkantoor. De inclusie in de Levensloopaanpak via het Zorg- en Veiligheidshuis en het bijbehorende levensloopplan zijn leidend om deze prestatie te mogen declareren.
Hoe kunnen we de dagvergoeding declareren als wij als organisatie geen indicatie hebben?
Het is de bedoeling dat dit middels een toewijzingsvrije prestatie wordt gefactureerd, zodat deze facturatiestroom met het berichtenverkeer mee kan.
Wat zijn cliëntgebonden en niet-cliëntgebonden taken?
Cliëntgebonden taken zijn werkzaamheden die te maken hebben met de geïncludeerde persoon. Bijvoorbeeld:
- aansluiten bij een casusoverleg in een Zorg- en Veiligheidshuis of een MDO in de kliniek;
- bellen met naasten of een curator;
- het aanvragen van een indicatie;
- registraties over de persoon in het EPD;
- rondbellen voor een woonplek voor een cliënt (“indirecte tijd” in termen van het ZorgPrestatieModel).
Niet cliëntgebonden taken zijn:
- aansluiten bij een vakdag;
- periodiek overleg met een Zorg- en Veiligheidshuis over de samenwerking;
- het geven van een voorlichting over de Levensloopaanpak aan netwerkpartners in de regio.
Iemand heeft een Wlz-indicatie maar ook een IFZO. Kan ik nog steeds de dagvergoeding declareren onder de Wlz?
Ja, de aanwezigheid van een Wlz-indicatie is voldoende. Ongeacht of deze indicatie wordt geïncasseerd. De aanwezigheid van andere indicaties maakt hierin geen verschil.
Iemand heeft een Wlz-indicatie maar deze Wlz-indicatie wordt niet geïncasseerd. Kan ik nog steeds de dagvergoeding declareren onder de Wlz?
Ja, de aanwezigheid van een Wlz-indicatie is voldoende. Ongeacht of deze indicatie wordt geïncasseerd.
Waarom moeten we de Wlz-check doen?
Er zijn twee redenen om de Wlz-check te doen:
- Voor de financiering van de coördinatiekosten door de levensloopaanbieder moet je weten of de geïncludeerde persoon een Wlz-indicatie heeft.
- Om een cliënt in de Levensloopaanpak goed te kunnen helpen is het belangrijk om te weten welke indicaties de cliënt heeft. Daarmee maakt de cliënt aanspraak op de zorg of woonplek die geïndiceerd is.
De Wlz-check levert mijn Zorg- en Veiligheidshuis meer werk op. Krijg ik hier ook extra geld voor?
Het Zorg- en Veiligheidshuis ontvangt POK gelden om regie te voeren in de Levensloopaanpak en de samenwerking te faciliteren. Hier valt ook onder dat je uitzoekt welke indicaties een cliënt heeft.
Waar noteer je als Zorg- en Veiligheidshuis de Wlz-indicatie?
Het Zorg- en Veiligheidshuis registreert de indicatie op twee plekken:
- In het levensloopplan, onder het kopje financiering.
- In de monitoring, die we twee keer per jaar bij de Zorg- en Veiligheidshuizen opvragen.
Wat doe je als iemand van indicatie wijzigt?
Je past de indicatie aan in het levensloopplan. Een aanpassing in de Wlz-indicatie, bijvoorbeeld van Wlz Ggz 3 naar Ggz 4, verandert niets aan de financiering.
Ontvangt iemand een Wlz-indicatie of stopt deze? Dan verandert er meer:
- Voor de levensloopaanbieder: je past de manier van declareren aan voor deze persoon.
- Voor het Zorg- en Veiligheidshuis: pas de gegevens aan in het levensloopplan en noteer de start- of einddatum voor de komende monitoring.
Wat gebeurt er met het levensloopplan als het is opgesteld?
- Het Zorg- en Veiligheidshuis deelt het plan met alle deelnemers aan het levensloopteam. Dit kan via PGAx/Kedo. Met deelnemers die daar geen toegang toe hebben, kun je het bijvoorbeeld delen via beveiligde e-mail.
- De levensloopaanbieder slaat het levensloopplan op in het EPD. De levensloopaanbieder deelt relevante informatie uit het plan met bijvoorbeeld met de crisisdienst in de regio.
Wordt het levensloopplan binnenkort aangepast?
In 2026 evalueren we het levensloopplan. We kijken of het plan onderdeel kan worden van PGAx/Kedo. Er komt voor die tijd geen nieuwe versie. Dit om extra werk te voorkomen.
Waarom moet het hele levensloopplan in het EPD staan voor de financiering? Alleen de inclusiedatum en de Wlz-indicatie zijn hiervoor toch voldoende?
Het CAK, die de betaling gaan uitvoeren, gaan dossieronderzoeken doen. Zij kijken of de cliënt wel in de Levensloopaanpak zit en zo ja, per wanneer. Daarnaast is het wenselijk om zorginhoudelijke redenen.
Mag de levensloopaanbieder het levensloopplan delen met de cliënt/systeem?
Nee, je deelt het levensloopplan niet met de cliënt. Als het goed is sluit het plan aan bij het signaleringsplan dat met de cliënt is opgesteld.
De levensloopaanbieder in mijn regio is een forensische ggz-aanbieder. De geïncludeerde persoon heeft een verstandelijke beperking. Wat nu?
Bij casussen waar sprake is van een (lichte) verstandelijke beperking is het verstandig om een VG-aanbieder in jouw regio te betrekken. Deze organisatie is dan onderdeel van het levensloopteam en kan meedenken en advies geven, maar ook begeleiding bieden, inzetten op de Wet zorg- en dwang, etc.
Hoe is het sociaal domein van de gemeente betrokken bij de Levensloopaanpak?
Het sociaal domein (de gemeente)is onderdeel van het levensloopteam en werkt mee aan het levensloopplan. Bekijk de rolbeschrijving van de gemeente om te zien wat er is afgesproken: Gemeenten aan zet – Levensloopaanpak. Kan dit beter in jouw regio? Neem dan contact op met de regio-adviseurs van het sociaal domein.
Welke rol heeft de levensloopaanbieder?
De levensloopaanbieder vervult altijd de rol van levensloopcoördinator en is onderdeel van het levensloopteam. Voor deze coördinerende rol is geen verwijzing nodig, alleen een inclusie in de Levensloopaanpak via het Zorg- en Veiligheidshuis.
Daarnaast kan de levensloopaanbieder ook de behandelaar zijn. Hiervoor is wel een verwijzing nodig. Een eerste actiepunt in het levensloopplan kan bijvoorbeeld zijn om een verwijzing te regelen.
In de ideale werkwijze staat dat het Zorg- en Veiligheidshuis bij een overdracht de aanmelding bij een ander Zorg- en Veiligheidshuis doet. Mijn huis staat dit niet toe, wat nu?
Deze werkwijze is opgesteld in samenwerking met de privacyfunctionarissen. Is er desondanks een belemmering om de aanmelding te doen? Bespreek dan in het levensloopteam wie de aanmelding doet.
Goed om te weten: de aanmelding kan summier, de warme overdracht is al gaande en het levensloopplan wordt immers ook overgedragen.
Wat moet ik doen als er meerdere levensloopaanbieders actief zijn in de regio waarnaar ik overdraag?
Als er meerdere levensloopaanbieders zijn, dan is het vaak niet meteen duidelijk wie de casus gaat overnemen. Organiseer dan als nieuwe regio een overleg om dit te bepalen, bijvoorbeeld een vorm van triage. Nodig hierbij de huidige levensloopcoördinator uit.
Is er een werkwijze voor het toewijzen van een mentor of curator aan een levensloopcliënt?
Nee, er bestaat geen aangepaste werkwijze voor de personen in de Levensloopaanpak. Het is verstandig om het nut en noodzaak van deze interventie te bespreken met het levensloopteam en gezamenlijk een beslissing te nemen.
Wat kun je doen als de cliënt niet akkoord is met de Levensloopaanpak en/of geen toestemming verleent voor het delen van informatie?
Gezien de aard van de doelgroep en bijbehorend gevaarsrisico, gaat de Levensloopaanpak ook zonder een akkoord of toestemming van start. In sommige gevallen wordt de Levensloopaanpak opgenomen in zorgmachtiging of het vonnis van de rechter bij een voorwaardelijke veroordeling, dan levert dit een grondslag voor het delen van gegevens. Als hier geen sprake van is, dan gelden de grenzen van bemoeizorg.
Er kan op basis van het kader bemoeizorg worden geprobeerd het contact en een vertrouwensband op te bouwen met cliënt. Daarnaast is het door de inwerkingtreding van de Wet gegevensverwerking door samenwerkingsverbanden (WGS) per 1 maart 2025 mogelijk om tijdens een overleg binnen het Zorg- en Veiligheidshuis informatie te delen tussen netwerkpartners. Maar ook met de komst van de WGS is het beroepsgeheim voor zorgprofessionals nog steeds van toepassing, je mag alleen je beroepsgeheim doorbreken onder specifieke voorwaarden. Dus om beter te kunnen samenwerken binnen de aanpak is het wel wenselijk zoveel mogelijk toe te werken naar medewerking door cliënt.
Hoe kan ik iemand aanmelden voor de Levensloopaanpak?
Neem contact op met het Zorg- en veiligheidshuis in jouw regio om de mogelijkheden en route te bespreken. Kijk op de regiokaart Levensloopaanpak voor alle Zorg- en Veiligheidshuizen.
Wie neemt de beslissing of iemand wel of niet tot de Levensloopaanpak wordt geïncludeerd?
Inclusie tot de Levensloopaanpak is een besluit dat door de betrokken netwerkpartners gezamenlijk wordt genomen. Er wordt beoordeeld of iemand voldoet aan de landelijke inclusiecriteria. Zie voor meer informatie over inclusie “Het ideale werkproces“
Hoe deel je het Levensloopplan met de netwerkpartners?
Het plan kan opgeslagen worden in PGAx of Kedo, zodat de deelnemers van het overleg het in kunnen zien.
Soms zijn er partijen die niet in deze registratie systemen kunnen, bijvoorbeeld omdat zij zijn uitgenodigd voor incidentele deelname. Zij mogen de gegevens ontvangen die nodig zijn in het kader van het uitvoeren van het plan. Dus zij mogen het levensloopplan ook ontvangen. Helaas is momenteel dan de enige mogelijkheid dat dat gebeurt via beveiligde mail. Momenteel onderzoeken we een gebruikersvriendelijke oplossing.
Sluit je de casus af als iemand in bewaring is in afwachting van een tbs-zitting?
Omdat je vooraf niet 100% zeker weet wat de uitspraak gaat worden blijft de casus open tot de zitting. Het is belangrijk om de uitspraak te monitoren. Ook als er hoger beroep of cassatie volgt. Het kan een lange tijd duren voordat de uitspraak onherroepelijk is.
In die tijd blijft de casus in de Levensloopaanpak. Maak in ieder geval met het Levensloopteam scenario’s als de uitspraak géén tbs wordt. Bespreken van de casus kan op een laag pitje (waakvlam stand).
Afsluiten gebeurt bij oplegging van tbs-dwang. Bij een voorwaardelijke of gemaximeerde tbs gaat de Levensloopaanpak verder.
Als iemand een ISD-maatregel opgelegd heeft gekregen, sluit je de Levensloopaanpak dan af?
Nee, tijdens de ISD-maatregel blijft de Levensloopaanpak lopen. Benut deze tijd om scenario’s te bedenken en uit te zetten. Denk aan diagnostiek uitvoeren, de mogelijkheden van aanvragen van een bewindvoerder/mentor/curator onderzoeken en een indicatie aanvragen. Bespreek in welke frequentie de persoon besproken moet worden, mogelijk kan dit op een laag pitje.
Als een cliënt in detentie raakt, blijft de Levensloopaanpak dan wel doorlopen?
De Levensloopaanpak blijft doorlopen zo lang als nodig is. Dus ook als cliënt even gedetineerd raakt blijft een levensloopcoördinator betrokken zodat er na detentie niet weer helemaal opnieuw begonnen moet worden, en zodat de zorg aansluitend door blijft lopen. Als een detentie echt langdurig is of er TBS met dwangverpleging wordt opgelegd wordt de Levensloopaanpak wel afgesloten en kan er na detentie of TBS bekeken worden of de aanpak weer opgestart moet worden.
Contact
Vragen aan het landelijk coördinatiepunt Levensloopaanpak?
De uitvoering van de Levensloopaanpak is georganiseerd op het niveau van de zorg- en veiligheidsregio’s. Kijk voor de contactgegevens per regio op de website van de Zorg- en Veiligheidshuizen.